De Affaire Tjerk Vermaning.
Het verhaal over een amateurarcheoloog uit de Nederlandse geschiedenis. 
 


De Hoofdrolspelers in de affaire Vermaning.




Waterbolk. 

Harm Tjalling (Tjalling) Waterbolk, Geboren 18 mei 1924 overleden 27 september 2020 was een Nederlands hoogleraar in de archeologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Emeritus-hoogleraar prehistorie. Hij was als professor nauw betrokken bij de affaire Vermaning. Waterbolk betitelde spectaculaire vondsten van amateur-archeoloog Tjerk Vermaning in 1975 als vals en beschuldigde Tjerk Vermaning van bedrieger. De professor werd verguisd door amateur-archeologen, vanwege zijn vernietigende oordeel in de zeventiger jaren over de prehistorische vondsten van Vermaning. Eerst had de professor in 1965 de stenen nog goedgekeurd, waarna Vermaning geroemd werd om zijn spectaculaire vondsten. In 2003 schreef hij een boek dat compleet aan de Vermaning affaire gewijd was, getiteld 'Scherpe stenen op mijn pad'.  Waarin hij verteld dat Tjerk Vermaning slachtoffer was van een geraffineerd complot van meerdere bedriegers. Waar hij de amateur-archeoloog Ad Wouters en archeoloog Assien Bohmers beschuldigd. Op 96 jarige leeftijd is hij in Groningen overleden.


 




Stapert.

Drs. Dick Stapert. Geboren 01-01-1947. In Veenwouden 1947, Studeerde hij geologie en prehistorie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Kwam in 1973 in dienst van het Biologisch-Archeologisch Instituut (nu Groninger Instituut voor Archeologie) van de RUG met als algemene leeropdracht het Midden-Paleolithicum van Noord-Nederland, in het bijzonder de vermeende midden-paleolithische vindplaatsen Hoogersmilde en Hijken van Vermaning. Een onderzoek naar de geologie van het Drents plateau en de aan- of afwezigheid van bepaalde oppervlakteveranderingen op natuurlijke vuurstenen en vuurstenen artefacten leidde hem tot de conclusie dat zowel Hoogersmilde als Hijken geen midden paleolithische vindplaatsen konden zijn, maar dat de artefacten recente vervalsingen zouden zijn. De aanleiding was het onderzoek toen hij krasjes had ontdekt op de vuursteen artefacten van Vermaning.

 




Bohmers.

Johan Christiaan (Assien) Bohmers, geboren 16 januari 1912 overleden 1 mei 1988. Hij was een Nederlands geoloog en archeoloog, in het bijzonder specialist Oude Steentijd.  Bohmers was van 1945 tot 1965 als archeoloog verbonden aan het Biologisch-Archeologisch Instituut van de Rijksuniversiteit Groningen. Hij was in de jaren '50 en '60 bekend door zijn onderzoek naar de oude- en middensteentijd in Nederland. Hij was geoloog en docent in de Oude Steentijd aan het Biologisch Archeologisch Instituut (BAI) van de Rijksuniversiteit Groningen. In 1961 schonk Bohmers 14 artefacten uit de Steentijd aan het Fries Museum. Illegaal wapenbezit leidde tot een "eervol ontslag op eigen verzoek".  Hij heeft zijn standpunt dat de artefacten van Vermaning authentiek zijn, na de beschuldigingen niet gewijzigd.

Professor Waterbolk was ontevreden over Böhmer vanwege zijn oorlogsverleden, waarbij Böhmer aan de verkeerde kant stond in zijn rol als archeoloog. Bohmers was in de jaren '30 en '40 betrokken bij de Duitse onderzoeksgroep Das Ahnenerbe, een organisatie die werd opgericht in samenwerking met Heinrich Himmler. Deze groep ontwikkelde zich tot een invloedrijke groep voor archeologisch onderzoek, met een aanzienlijke ledenbasis. Wat vaak onderbelicht blijft, is dat Das Ahnenerbe weigerde de opvatting van Himmler te omarmen die stelde dat de Germanen in essentie Vikingen waren met een inherent verlangen naar meer 'Lebensraum'. Hierdoor verdween Hermann Wirth, die tot dat moment de voorzitter was, in 1937 uit beeld. Pas daarna werd de organisatie ondergebracht bij de SS. In de daaropvolgende maanden werd de toegang tot de vereniging aan strenge wetenschappelijke criteria onderworpen: alleen personen met een afgeronde universitaire opleiding mochten lid worden. Voordat de oorlog uitbrak, waren er al meer dan 30 hoogleraren lid, en de groep telde meer dan 50 gespecialiseerde afdelingen en 15 onderzoekscommissies, ondersteund door een efficiënt werkend administratief apparaat. Bohmers was lid van de NSB, maar ook betrokken bij de Hielscher-groep, die via verschillende leden en sympathisanten verbindingen onderhield met Graf von Stauffenberg, de man achter een mislukte aanslag op Hitler. De Hielscher-groep wordt erkend als een authentieke verzetsgroep in Duitsland en ontving in 1958 ook erkenning van de Raad van Rechtsherstel. Na de oorlog werd Bohmers negen maanden vastgehouden, uitvoerig verhoord door Canadese autoriteiten, en uiteindelijk vrijgesproken. Direct daarna werd hij aangesteld als wetenschappelijk hoofdmedewerker door A. van Giffen in Groningen. Toch kreeg Bohmers in die periode te maken met de gevolgen van hardnekkige vooroordelen. Zijn pogingen om elders de functie van hoogleraar te verkrijgen, werden ondanks positieve wetenschappelijke aanbevelingen geblokkeerd. In 1965 verloor hij uiteindelijk zijn baan in Groningen.




Van der Waals.

Johannes Diderik van der Waals geboren: 01-01-1925 overleden 19-05-2022. Studeerde biologie en prehistorie aan de Universiteit van Amsterdam. Promoveerde in 1964 in Groningen op 'Prehistoric disc wheels in the Netherlands' (Palaeohistoria 10). Was van 1959-1966 verbonden aan het Biologisch-Archaeologisch Instituut en het Drents Museum, en van 1966-1986 aan het BAI. In 1969 werd hij buitengewoon hoogleraar in de Culturele Praehistorie aan de Rijksuniversiteit te Utrecht en lector (in 1980 hoogleraar) aan de Rijksuniversiteit te Groningen. Vermaning had regelmatig contact met hem. Na de beschuldigingen van vervalsingen koos van der Waals de zijde van Waterbolk en Stapert.



Bosinski.

Gerhard Bosinski  geboren 01-06-1937. Van 1957 tot 1963 studeerde hij prehistorie, vroege geschiedenis, etnologie en antropologie aan de universiteiten van Berlijn, Mainz en Keulen. In 1963 het proefschrift The Middle Palaeolithic Finds in Western Central Europe. promoveerde hij in Keulen op doctoraat. In 1963 werd hij wetenschappelijk assistent aan het Instituut voor Prehistorie en Vroege Geschiedenis van de Universiteit van Keulen, waar hij in 1972 met het proefschrift Studies on Stoneworking in the Middle Paleolithic (Studies over steenbewerking in het Midden-Paleolithicum) afstudeerde als hoogleraar en in 1980 werd benoemd tot hoogleraar . Hij doceerde als gasthoogleraar aan de universiteiten van Berlijn, Bordeaux , Göttingen en de Saarlanduniversiteit in Saarbrücken. In 2003 werd hij emeritus hoogleraar . Professor Bosinski was de getuige deskundige voor Waterbolk en Stapert. Achteraf kan bij zijn deskundigheid over het beoordelen van de vondsten van Vermaning om meerdere redenen de nodige vraagtekens worden gezet.



Wil Roebroeks.


Johannus Wilhelmus Maria (Wil) Roebroeks. geboren 05-05-1955. Nederlands hoogleraar Archeologie van de Oude Steentijd aan de Universiteit Leiden. Hij is met name geïnteresseerd in de neanderthalers. Roebroeks studeerde in 1979 af in sociale en economische geschiedenis aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Tien jaar later promoveerde hij in Leiden met een onderzoek naar de Oude Steentijd in Nederland, na een kopstudie archeologie. Roebroeks was van 2000 tot 2005 wetenschappelijk directeur van "onderzoeksschool" Archon.  Roebroeks was betrokken bij de opgraving Eemster. Na afloop concludeerde Roebroeks dat de Eemster artefacten vervalst waren. Amateur archeologen vonden zijn onderzoek niet betrouwbaar genoeg om die conclusies te trekken. 

 



Louwe Kooijmans.

Leendert Pieter Louwe Kooijmans geboren 15-08-1949, Nederlandse archeoloog en emeritus hoogleraar prehistorie aan de Universiteit Leiden. Louwe Kooijmans studeerde aanvankelijk fysische geografie in Utrecht. In 1965 studeerde hij af in de fysische geografie en begon een promotieonderzoek naar de archeologische waarden van rivierafzettingen en rivierduinen. In 1982 werd Louwe Kooijmans benoemd tot hoogleraar prehistorische archeologie aan de Universiteit van Leiden. In 2008 ging Louwe Kooijmans pensioen. Vermaning voelde zich belazerd, door Kooijmans waardoor de opgraving Eemster 2 niet plaatsvond.




François Bordes. 

François Bordes geboren 30 december 1919 overleden 30 april 1981, ook bekend onder het pseudoniem Carsac, was een Franse wetenschapper, geoloog, archeoloog en sciencefictionschrijver. Hij was hoogleraar prehistorie en quartaire geologie aan de wetenschappelijke faculteit van Bordeaux. Hij vernieuwde op beslissende wijze de aanpak waarbij hij zich concentreerde op prehistorische lithische industrieën, door statistische studies in de typologie te introduceren en het gebruik van experimentele vuursteenklopping uit te breiden. Hij stond onder archeologen over de hele wereld bekend vanwege zijn vermogen om oude stenen werktuigen te repliceren; zijn techniek werd tentoongesteld in een foto-essay in het deel "Early Man" van de Life Nature Library. Onder zijn pseudoniem publiceerde hij ook veel sciencefictionromans. Hij staat internationaal bekend omdat hij de oudheid heeft bestudeerd en opnieuw gecreëerd hij stenen werktuigen van zo'n 12.000 jaar geleden. Hij bestudeerde hoe de primitieve mens de zijne maakte. Bordes dupliceerde zo'n 63 soorten gereedschappen, waaronder de speer, punten, messen, bijlen, schrapers, carvers en boorgereedschap. Bordes maakte er meer dan 100.000 stenen gereedschappen. Om deze gereedschappen te maken, gebruikte Bordes alleen vuursteen, dierlijk bot en hout zoals de Neanderthaler dat had gedaan, om ze authentieker te laten lijken. Veel van zijn gereedschappen zagen er uit zo origineel dat hij moest labelen welke gereedschappen de echte waren en welke de duplicaten. Bordes concludeerde dat er vier Neanderthaler-culturen waren vanwege de verschillen in stenen werktuigen. Hij deelde ze in vier groepen, Denticulate, Typisch, Mousterien van de Acheulean-traditie en Charentiaan met de subgroepen  Ferrassie en Quina vernoemd naar de vindplaats nabij het  gehucht, La Quina. Geleerden discussiëren over deze theorie. Bordes noemde de stilistisch, functioneel en chronologisch opmerkelijke verschillen en wees op die verschillen in gebruikte grondstoffen en stadia van de reductiereeks. Hij was getuige deskundige in de zaak Vermaning en verklaarde de vondsten van Hoogersmilde vals. Achteraf was Prof. Bordes niet blij met de manier waarop hij in de affaire is meegesleurd.





Ad Wouters.

Adrianus Maria (Ad) Wouters geboren 16 januari 1917 overleden 17 juni 2001, was een bekend Nederlands amateur-archeoloog en onderwijzer. Hij werd bekend als een van de hoofdverdedigers van de Drentse amateur-archeoloog Tjerk Vermaning in de rechtszaak tegen hem. Later werd Wouters zelf ook verdacht van vondst- en vindplaatsvervalsing. Wouters werd door Waterbolk verdacht gemaakt vuistbijlen te hebben gemaakt. Wouters zocht naar vuurstenen werktuigen in Limburg en ontdekte verschillende vindplaatsen. Hij kwam hierdoor in contact met archeologen A. Bohmers en L. Pradel. In 1954 werd Wouters overgeplaatst naar Eikendonk in Eindhoven, vanwaaruit hij Bohmers assisteerde met opgravingen en meer vuurstenen werktuigen verzamelde in Brabant. Hij was getuige-deskundige voor Vermaning in de rechtszaak en leverde het bewijs dat de vondsten niet waren vervalst.

Wouters was lid van het jaarlijks universitair symposium voor Prehistorie van Nederland (mede op verzoek van Waterbolk), zat in de commissie Periodisering van de Nederlandse Praehistorie en was correspondent van de Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek. Hij deed opgravingen met dr. Bohmers (Groningen), prof. Hamal (Luik), prof. Breuil (Institut de France), publiceerde tientallen artikelen (met onder anderen Bohmers en prof. Glasbergen), hield honderden lezingen (ook op het BAI in Groningen) en hielp archeologiestudenten. De zaak-Vermaning beschreef hij in het boek J’accuse, dat in beperkte oplage verscheen.

Het uiteindelijke doel was, samen met Bohmers, een overzichtswerk van vindplaatsen uit het Paleolithicum en Mesolithicum te maken voor Nederland en Vlaanderen. Door de schorsing in 1965 en het ontslag van Bohmers zou dit nooit verschijnen. Nadat Bohmers ontslag nam trok Wouters zich terug uit de archeologische wereld. Ook de gezondheid van Wouters ging in deze periode sterk achteruit, waardoor hij werd afgekeurd. Toen in 1975 de Drentse amateur-archeoloog Tjerk Vermaning werd aangeklaagd voor vervalsingen keerde Wouters weer terug in de archeologie. Toen de rechtszaak tegen Vermaning in hoger beroep diende maakte Wouters deel uit van de verdediging; hij voerde bewijsvoering aan voor de echtheid van de vondsten. Uit deze rechtszaak kwam een conflict voort tussen de archeologen van de Universiteit Groningen (specifiek H.T. Waterbolk en D. Stapert) en de 'vrienden van Vermaning' (die zich later zouden verenigen in de APAN). Wouters nam een leidende rol in dit conflict en werd ook erelid van APAN. In 1977 richtte Wouters samen met Caspar Franssen het tijdschrift 'Archeologische Berichten' op, waarin veel artikelen over Vermaning en zijn vondsten verschenen. Hierin publiceerde hij ook over archeologische ontdekkingen uit de stuwwallen en werden veel vindplaatsen die hij oorspronkelijk met Bohmers had willen publiceren alsnog gepubliceerd. In 1989 ontstond onenigheid over het tijdschrift, hetgeen tot een bestuurscrisis en ruzie tussen Franssen en Wouters leidde. Op 17 juni 2001 overleed Ad Wouters op 84 jarige leeftijd te 's Hertogenbosch aan hartproblemen.


 



 

Klaas Geertsma.

Klaas Geertsma Geboren 1949, kunstenaar-praktijkarcheoloog, via moeders zijde kleinzoon van Hein van der Vliet, de ontdekker van de legendarische vuistbijl van Wijnjeterp ontwikkelde al op jonge leeftijd een passie voor archeologie, mede door zijn grootvader, die amateurarcheoloog was. Klaas Geertsma wordt in diverse artikelen vaak genoemd als een prominente verdediger van Tjerk Vermaning. Geertsma's betrokkenheid en overtuiging bij het verdedigen van Vermaning zijn duidelijk herkenbaar in zijn optredens en uitspraken. Geertsma staat bekend om zijn uitgebreide kennis van archeologie en zijn vastberadenheid om de waarde van Vermaning's ontdekkingen te onderstrepen. Zijn betrokkenheid en vastberadenheid hebben hem een prominente rol gegeven als een van de belangrijke pleitbezorgers van Vermaning. Geertsma's voortdurende inzet en ondersteuning van Vermaning hebben ertoe bijgedragen dat diens werk wordt erkend en besproken in de archeologische gemeenschap, ondanks de uitdagingen waarmee dit werk geconfronteerd is geweest. De naam Klaas Geertsma zal daarom altijd belangrijk blijven als een verdediger van Tjerk Vermaning en zijn archeologische nalatenschap. Dankzij de kunstenaar-praktijkarcheoloog Musch raakte Geertsma bekend met de vereniging APAN, Aktieve Praktijk Archeologie Nederland, waarvan Musch de secretaris was. In zijn betrokkenheid bij de vereniging APAN leerde Geertsma veel gepassioneerde archeologen en historici kennen die gespecialiseerd waren in het tijdperk van de Oude Steentijd. Hier maakte hij ook kennis met Tjerk Vermaning en met een belangrijk lid van de vereniging, tevens een fervent verdediger van de authenticiteit van de vuistbijlen van Vermaning, Ad Wouters,. Geleidelijk aan raakte Geertsma gefascineerd door de affaire Vermaning en begon hij zijn steenzoek-hobby te vervangen door een diepgaande interesse in het ontrafelen van de waarheid achter deze controversiële zaak. Geertsma zette zich onvermoeibaar in om de beschuldigingen van vervalsing rond Vermaning’s archeologische vondsten te weerleggen. Hij analyseerde zorgvuldig het bewijsmateriaal en beargumenteerde dat. Tijdens zijn zoektocht naar de waarheid over de affaire Vermaning kwam Geertsma tot opmerkelijke ontdekkingen. Hij kwam erachter dat de oorsprong van de affaire terug te voeren was op een UNESCO-congres in 1969 te Parijs. Tevens uitte Geertsma in 2022 kritiek op de archeoloog drs. Frans de Vries, die ijzerinfiltratie in een artefact van Hoogersmilde welbewust foutief determineerde als Liesegangrings, zodat de lezers van zijn boek ‘Valsheid in  gesteente’ de echtheid van de Vermaning vondsten in twijfel zouden gaan trekken. Om zijn standpunten te ondersteunen en om een breed publiek te bereiken, produceerde Geertsma talloze artikelen en publicaties op de APAN-website en in het periodiek APAN/EXTERN. Hij vult zijn artikelen meestal aan met zelf vervaardigde kunstzinnige illustraties die zeer sterk tot de verbeelding spreken.




Hieronder een aantal van zijn vele spotprenten en affiches.

 

Harry Huisman.

Harry Huisman is een gerenommeerde petroloog, geoloog en conservator geologie in het Hunebedcentrum. Hij heeft tevens gediend als oud conservator van het Natuurmuseum Groningen. Met zijn uitgebreide ervaring, onderzoek en deskundigheid op het gebied van gesteente en bodem is hij een van de meest ervaren kenners van natuursteen en geologie in Noord Nederland. Harry Huisman heeft een passie voor geologie en heeft zich gedurende zijn carrière toegewijd aan het bestuderen van de aardkorst en de verschillende gesteenten die deze vormen. Zijn expertise op het gebied van gesteentevorming, mineralogie en sedimentologie heeft hem geholpen om een diepgaand inzicht te verwerven in de samenstelling en eigenschappen van verschillende soorten gesteenten. Met name zijn kennis van de natuursteen in Noord Nederland is uitzonderlijk. Hij heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar de herkomst, geologie en gebruik van natuursteen in de regio. Door zijn grondige studie van de bodem en gesteentelagen heeft hij waardevolle inzichten verkregen over de vorming en geschiedenis van het landschap in Noord Nederland. Als gevolg van zijn deskundigheid en bijdragen op het gebied van geologie is Harry Huisman een gewaardeerd conservator geworden. Hij heeft meegewerkt aan tentoonstellingen, lezingen en publicaties, waarin hij zijn kennis deelt met een breed publiek. Zijn werk heeft bijgedragen aan het vergroten van het bewustzijn en begrip van geologie en natuursteen in Noord Nederland. Naast zijn betrokkenheid bij het Hunebedcentrum en het Natuurmuseum Groningen heeft Harry Huisman ook samengewerkt met andere instellingen en onderzoeksteams. Hij heeft bijgedragen aan geologische studies, veldonderzoek en het documenteren van gesteentemonumenten in Noord Nederland. Harry Huisman heeft een blijvend stempel gedrukt op het vakgebied van de geologie in Noord Nederland. Zijn diepgaande kennis, veldervaring en passie hebben hem tot een autoriteit gemaakt op het gebied van gesteente en bodem. Zijn bijdragen aan het begrip en de waardering van de geologische geschiedenis van Noord Nederland zijn van onschatbare waarde. Hij is er niet van overtuigd dat de Vermaning vondsten vervalsingen zijn.


 



< Home.